HET OERBREIN

februari 15, 2016
Brain

Scanning of a human brain by X-rays

header3

Ons brein is complex en bestaat uit een aantal structuren. We onderscheiden drie lagen: de neocortex, het emotionele brein en het reptielenbrein.

Ons leven wordt nog altijd voor een groot deel beïnvloed door het reptielenbrein. Denk eens terug aan een dinosaurus. Deze dieren hadden een brein zo groot als een walnoot. En de oermens stamt af van voorouders met dergelijke hersenen. Toch zijn deze oerhersenen een meesterlijk ontwerp.

Deze oerhersenen hebben af en toe acute stress nodig. Dat werd voor de eerste keer indrukwekkend aangetoond door Darwin, de grondlegger van de evolutieleer. Hij heeft de echte functie van stress ontdekt. Die zet aan tot vernieuwing en tot evolutie. Problemen worden opgelost door een goede veerkracht. De meesten hebben een beetje gezonde stress nodig om voldoende uitdaging te hebben en zich goed te voelen.

Dus stress zorgt niet enkel voor overleving, maar ook voor vooruitgang en zelfontwikkeling. Darwin toonde aan dat niet de sterkste of de slimste overleeft, maar wel de soort die zich het gemakkelijkst aanpast aan nieuwe uitdagende omstandigheden. Grote dinosauriërs zijn uiteindelijk uitgestorven, aangepaste soorten hebben de veranderingen die zijn opgetreden overleefd. Wie zich niet aanpast, sterft. Darwin zag dat als een positieve kracht. Niet als een ramp. Dat is de ware evolutie.

De evolutie maakt kleine stapjes, maar zet een sprong voorwaarts als er grote problemen opduiken. Dan worden nieuwe vaardigheden aan het bestaande deel van de hersenen toegevoegd. Dat zou de reden kunnen zijn waardoor aan de rand van de tektonische platen van de aarde de hoogste beschavingen hebben geleefd. We weten dat op die plaatsen het meeste aardbevingen, tsunami’s en uitbarstingen van vulkanen gebeuren. Daar moeten de bewoners zich het snelst aanpassen aan de steeds wisselende omstandigheden. Daar ondergaan de hersenen een snelle evolutie. Hersenen zijn plastisch, ze groeien, ze worden groter.

Door de eindeloze wijzigingen ontstaan de meest aangepaste soorten. We krijgen een duw in de rug. We kunnen ons aanpassen aan nieuwe eisen, evolueren, tot zelfinzicht komen, diepgang bereiken en ons bezig houden met de dingen die er echt toe doen. Enkel bij stilstand, bij het niet willen verlaten van de comfortzone worden stress en burn-out een rampzalig fenomeen. We hebben de veerkracht nodig om te veranderen.

De moderne hersenen die typisch zijn voor de mens hebben zich gedurende onze evolutie razendsnel ontwikkeld. Daardoor zijn ze soms niet meer in staat voldoende controle uit te oefenen op de andere delen van de hersenen. In zware stormen, bij grote veranderingen nemen de oerhersenen nog altijd de controle over. En des te vlugger naarmate we minder veerkracht hebben. Het woord veerkracht geeft mooi weer wat er gebeurt bij een burn-out. Na een verstoring van een stabiel evenwicht ontstaan een trilling (positieve energie) en druk waaraan je je moet aanpassen. Zo kom je aan bij een nieuwe werkelijkheid, wellicht even goed of beter  dan voorheen.

Vooral de storm die in ons lichaam ontstaat bij een burn-out, is echter voor ons reptielenbrein een ideale gelegenheid om het gezag over te nemen. Dan zien we veel onlogica, impulsiviteit en emotionele instabiliteit.

Dus de oerhersenen nemen nogal dikwijls de controle over. En die oerhersenen werken volgens een bepaalde procedure die er ongeveer als volgt uitziet:

  • Ik wil niet wachten, wat ik wil bereiken wil ik nu hebben, onmiddellijk. Ik wil dan niet op lange termijn denken, enkel aan kortstondige onmiddellijke bevrediging. Planning op lange termijn veroorzaakt chaos, hoofdpijn, spierpijn, vluchtgedrag, agressiviteit. Dus geef wat ik wil, nu, onmiddellijk…
  • Ik kan en wil niet denken. Als er een gevaar is kan ik maar vechten om het gevaar te baas te kunnen of helemaal niets doen of maken dat ik wegkom. Andere opties zijn er niet.
  • Ik wil de grootste en de sterkste zijn. Ik wil dominant zijn en de beste stukken voedsel hebben. Delen met behoeftigen, dat heb ik nooit geleerd.
  • Ik wil een territorium, een gebied waar ik en alleen ik de plak zwaai. Indringers zullen genadeloos worden afgemaakt en ik zal af en toe eens proberen een territorium van een ander proberen in te palmen.
  • Ik wil mijn genen zoveel mogelijk verspreiden en wil dus steeds op jacht gaan naar een partner. Dat vult, naast het zoeken van een gepast territorium en voldoende voedsel, mijn leven.
  • Alleen Ik ben perfect, de anderen zijn maar zus of zo.

 

Om deze primitieve impulsen te overwinnen en om te kunnen leven als een volwassen en verstandig mens hebben we een andere deel van het brein nodig, de cortex. En we hebben ook een goede veerkracht nodig. Op 26 mei zullen we het daar uitgebreid over hebben op ons congres. Je kunt al een kijkje nemen op http://www.neuroscience-information-network.be

Stuur een mail naar info@stressmanagement.be en dan kunnen we je exclusieve deelname in orde brengen.

(c) DIFFERENT BVBA

 

Advertenties

Het reptiel in ons

oktober 1, 2015

In feite is er niets mis met het verschijnsel stress. Korte periodes van stress hebben een positieve functie. Dan passen we ons aan aan veranderende omstandigheden. Stress is een normale, fysiologische reactie van het lichaam. Bij gevaar zorgen deze veranderingen ervoor dat je kunt vechten of vluchten of je heel stil houden. Een roofdier of een andere vijand wordt zo van antwoord gediend. Dit is een normale reactie, gestuurd door ons oerbrein. En we leren van elke bedreigende situatie, een volgende keer zijn we beter voorbereid. Was mich nicht umbringt, macht mich stärker ( Nietzsche).
Stress helpt ons efficiënt te zijn in een wereld vol met nieuwe prikkels.

Reptielen hebben een brein zo groot als een uit de kluiten gewassen walnoot. En toch overleven ze al miljoenen jaren. Die walnoot is dus blijkbaar in staat een lichaam dat in de oertijd duizenden kilo’s woog op een meesterlijke wijze te besturen. Een reptiel wordt volledig door de autonome hersenen en het instinct geleid. Een meesterlijk concept. En hun brein is de oorsprong van onze moderne hersenen. Mensen en misschien bepaalde primaten hebben een tweede en een derde laag ontwikkeld in het brein. Daar worden prikkels gewikt en gewogen, gesorteerd of opgeslagen. Sommige prikkels krijgen later nog een reactie, andere hoeven geen reactie en sommige moeten direct beantwoord worden. Die selectie gebeurt in ons moderne brein.

Er is nog een laag tussen het moderne mensenbrein en het reptielenbrein en dat heet dan het limbisch systeem. En daarin zitten de amygdala die veel van ons emotioneel leven regelen. Reptielen zonder limbisch systeem hebben geen emoties. Ze overleven gewoon en planten zich voort. Ze kijken met glazen ogen naar de wereld.

Samen met het limbisch systeem en de amygdala komt er ook nog een emotioneel en instinctief leven.
Met behulp van het mensenbrein bestaat er naast angst, agressie en woede en seksuele drift ook loyaliteit, flexibiliteit, en een vorm van gevend gedrag en positivisme. Ons mensenbrein is het antwoord op de impulsiviteit en de agressie of angst van in de oertijd. We hebben ons als mens goed aangepast. We hebben als mens het palet van gevoelens uitgebreid.

Op CT Scans zien we de menselijke hersenen die zorgen voor denken, logica en allerlei abstracte begrippen zoals algebra, driehoeksmeetkunde en dergelijke. Als dat deel van het brein niet goed werkt ontstaan allerlei problemen. En dat is wat er gebeurt bij langdurige chronische stress.

Dus korte stress waarna we recuperatietijd krijgen kan eigenlijk niet zo veel kwaad. En korte stress zet aan tot groei, verandering en vernieuwing. Maar langdurige onafgebroken stress zonder voldoende recuperatiemogelijkheid vormt wel een probleem. Dan komt agressie, angst en impulsiviteit op de voorgrond.

De moderne hersenen die typisch zijn voor mensen hebben zich gedurende onze evolutie razendsnel ontwikkeld.

Maar de omgeving is sneller veranderd en zo worden we bloot gesteld aan te veel prikkels. Door te veel prikkels zijn deze hersenen niet meer in staat controle uit te oefenen op de andere delen van de hersenen. Men zou kunnen zeggen dat in zware stormen de schipper niet meer in staat is zijn schip te besturen.

En dan nemen de reptielhersenen het roer van het schip over. Dat kan soms goed verlopen, maar er gaat veel energie verloren en deze reptielhersenen kunnen ons soms in moeilijke situaties brengen met impulsiviteit en emotionele instabiliteit.

Dit gebeurt wanneer de stress chronisch wordt. Of wanneer we niet genoeg recuperatietijd hebben. In zo’n tijd leven we nu. Alles evolueert razendsnel. Onze hersenen kunnen niet meer volgen. We geraken nooit meer echt ontspannen. En dan komen de symptomen van chronische stress, chronische vermoeidheid, burn-out en bore-out te voorschijn. Dan wordt stress een negatief fenomeen.

Meer info, zie http://www.stressmanagement.be

(c) Different BVBA


Stress als vriend

augustus 30, 2015

Dag allemaal,

De laatste tijd zijn er weer heel wat berichten die de nadruk leggen op de positieve kant van stress. Natuurlijk kan stress heel vervelend zijn met ziekten, burn-out en depressie tot gevolg.

Maar toch horen we ook geluiden dat de aanpak belangrijk is en het denken. Dat zou veel uitmaken.

Een inspirerende wetenschapper is de Amerikaanse Kelly McGonical die recent in de beroemde TED talk een professionele confessie deed.
KellySpeaking
Voor deze getuigenis, klik hier. 

Wij  nemen ons voor met deze gegevens rekening te houden in onze nieuwe training op http://www.stressmanagement.be

En we nemen dan ook enkele gegevens mee uit de hersenwetenschappen.

Boeiend toch.

Hopelijk tot binnenkort

Luc


Bore-out?

juli 14, 2015

‘Mijn chef wil alles zelf doen. Ik heb niets omhanden en verveel me dood op het werk. En toch kom ik ’s avonds uitgeput thuis. Ik kan alleen nog TV kijken en gaan slapen. Het leven heeft geen zin voor mij.’ Dat is een typische uitspraak voor mensen met bore-out. Ze zijn ‘onderbelast’, want ze hebben een werk dat niet voldoende afwisselend of uitdagend is. Het taboe is groot, want mensen willen niet graag als leegloper beschouwd worden.

Het verschijnsel bore-out werd zeer recent in het boek “Diagnosis Boreout” door de Zwitserse bedrijfsadviseurs Peter Werder en Philippe Rothlin beschreven. Ze zijn ‘onderbelast’, want ze hebben een werk dat niet voldoende afwisselend of uitdagend is. Het taboe is groot, want mensen willen niet graag als leegloper beschouwd worden. Op bore-out rust een nog groter taboe dan op burn-out.  En heel jammer is dat het verschijnsel in de wetenschappelijke wereld weinig of geen aandacht krijgt, terwijl het bijna even frequent is als een burn-out.

Cynisme, overdreven emotionaliteit en vervelende lichamelijke symptomen zoals hartkloppingen en spierpijn ontstaan zowel bij overbelasting als bij onderbelasting.  Vaardigheden en uitdagingen moeten in evenwicht zijn. De individuele verschillen van mensen moeten goed kunnen aangepast worden aan hun omgeving.

Deze mensen klagen vooral over die bazen die niet voldoende delegeren of enkel vervelende klussen delegeren. Wanneer een chef niet voldoende delegeert wordt de baan zinloos, vervelend en saai. Dan zien we nog enkel de vervelende aspecten van het werk. Burn-out is de tegenhanger van bore-out. Cynisme, overdreven emotionaliteit en vervelende lichamelijke symptomen zoals hartkloppingen en spierpijn ontstaan zowel bij overbelasting als bij onderbelasting. Burn-out en bore-out samen zien we in 15 % van ons bestand. Bore-out vormen daarvan 7%. Dus leidinggevenden hebben een zware verantwoordelijkheid. Vaardigheden en uitdagingen moeten in evenwicht zijn.

De oplossing voor een bore out is ook niet zo voor de hand liggend als ze in de eerste plaats lijkt. De raad geven gewoon wat sneller en passioneler te werken helpt niet. Dit is echt een simplistische manier van denken. Deze mensen moeten gaan praten met hun chef en aantonen dat ze best wat meer verantwoordelijkheid willen opnemen. Maar dat is natuurlijk moeilijk. Ze worden immers vlug voor lui aanzien. En mensen met bore-out schamen zich dan dood. Want ze zijn niet lui. Men heeft ze jaren laten wegkwijnen, zonder opleiding, afwisseling of promotie. In een soort vergeetput op het bedrijf.

Er is weinig info en nog minder cijfermateriaal beschikbaar over bore-out. Er wordt weinig onderzoek naar gedaan. Wie een bore-out heeft, hoor je op den duur ook niet meer. Wij zien ze wel, als patiënt. Terwijl de oplossing toch in een goed gesprek met de chef ligt. Want ik kom, ook nu, in de tijd van het “nieuwe werken” mensen tegen die al 20 jaar hetzelfde soort werk doen en die zich nooit hebben mogen bijscholen. Ze zijn het moe. Ze willen wel eens graag andere talenten inzetten. Werknemers hebben te weinig te doen (te weinig werk)of meer nog te weinig uitdagende werkzaamheden (het werk is niet uitdagend genoeg). Gesprekken met de chef lopen dikwijls moeizaam en stuiten op veel onbegrip.  Maar zonder goede oplossing kwijnen deze werknemers weg, apathisch en futloos. Ze voelen zich dan overbodig en nutteloos, werken enkel om te overleven zonder nog plezier aan hun werk te beleven. Dat is natuurlijk nefast voor hun zelfvertrouwen en gaat gepaard met veel angst of erger nog, met woedeaanvallen. Hun zelfbeeld is erg aangetast. Ze voelen zich bekeken en ook in privé relaties zijn ze dikwijls voorwerp van spot en pesterijen. Dikwijls spelen ze een spelletje: ze doen alsof ze erg belangrijk werk doen, ze presteren toch overuren, praten over deadlines, houden zich bezig met privé zaken op het werk of met hun privé mails en ook zij verwaarlozen hun sociale contacten en relaties. Uit schaamte.

Het is een vicieuze cirkel: ze voelt geen uitdaging in de job, dan gaan ze zich vervelen en daalt hun concentratie. Soms maken ze fouten want door hun gedaalde concentratie letten ze niet meer goed op.  Er zijn dus geen succeservaringen, enkel mislukkingen. Dan is een gesprek met de manager vlug aangewezen. Maar deze mensen zullen zich niet vlug spontaan melden. Liever melden ze zich ziek. En eerlijk gezegd, ze zijn ook erg ziek. En ze hebben helemaal geen zelfvertrouwen meer.

Een bore-out is niet iets dat vanzelf zal verdwijnen. De levenskwaliteit en jobsatisfactie zal blijven dalen. Praten en actie zijn dringend aangewezen. Mensen met een bore-out hebben een laag zelfbeeld. Daar kan aan gewerkt worden. Maar dat is niet gemakkelijk, zeker niet als de toestand al jaren aansleept. Want deze mensen durven anderen niet meer in de ogen kijken, ook hun vrienden en relaties niet. Waar moeten ze dan bevestiging halen. Daarom is praten noodzakelijk. Er bestaat weinig kennis over. Een nieuwe uitdagende job is noodzakelijk. Misschien in dezelfde organisatie. En leermogelijkheden. En waardering van de chef.

De sleutel op de deur naar verbetering is echter de chef. Hij moet meer delegeren naar de mensen met beginnende bore-out. Om dat te kunnen moet de chef veel kennen   over stress, burn-out en bore-out.  Hij moet deze ziektebeelden kennen om de juiste beslissingen te nemen. Zeker omdat mensen met een bore-out dezelfde symptomen vertonen als werknemers met een burn-out.

Voor een chef is het dus niet altijd voor de hand liggend om uit te maken of het om een bore-out of een burn-out gaat. Niet elke medewerker die ’s morgens vroeg op het werk verschijnt en ’s avonds overwerk doet of werk mee naar huis neemt, is gemotiveerd. Het kan ook een strategie zijn om bore-out te verbergen.

Bore-out mag niet verward worden met luiheid, want een bore-out is een proces van jaren, bij de meest gemotiveerde mensen. Tot ze kraken.

RISICO OP BORE-OUT

Om te weten of je risico loopt op een bore-out, kun je de onderstaande vragen beantwoorden. Ze zijn opgesteld naar een idee van Rothlin en Werder. Beantwoord elke vraag met ja of nee. Wanneer je op meer dan acht vragen ‘ja’ geantwoord hebt, is er een verhoogd risico op bore-out.

  • Hou je je ook bezig met zaken voor je privéleven tijdens de werkuren?
  • Doe je veel routineklussen op het werk?
  • Vind je je job eentonig?
  • Wek je dikwijls de indruk druk bezig te zijn terwijl dat helemaal zo niet is?
  • Denk je er niet aan je werk aan je vrienden aan te raden?
  • Wil je een andere job?
  • Werk je enkel voor je salaris?
  • Verstuur je e-mails of sms’jes naar je vrienden en kennissen tijdens de werkuren?
  • Heb je slechte collega’s?
  • Heb je een zee van tijd over om meer werk te doen?
  • Is jouw inbreng en zijn jouw ideeën van geen belang op je werk?
  • Telt alleen de mening van de chef?
  • Verveel je je soms op het werk?


 (c) Different BVBa

http://www.stressmanagement.be


Draag zorg voor je brein

december 11, 2014

Begin deze maand verscheen een ietwat vreemd artikel van de Utrechtse neuropsycholoog Boelema. In dat artikel werd beweerd dat drinkende jongeren geen schade ondervinden aan hun geheugen,  impulscontrole of concentratievermogen. Wat volgde was een discussie op verschillende fronten, wetenschappers en leken.  Maar er ontbraken toch wel enkele metingen van de hersenfuncties in dit onderzoek.  Er waren wat testen. Maar onmiddellijk stonden de “gelovigen” op in onze wereld en ze begonnen dreigend te zwaaien, te roepen en te tieren en over de nadelen van alcohol te preken. Nu, dat zal wel juist zijn. Alcohol heeft, zeker in hogere dosis en bij kinderen en pubers een nefaste invloed. Vooral op de vaardigheid van zelfregulatie. Dit  is contact maken met je emoties, gedachten  en je gedrag en met de anderen.

Altijd online en bereikbaar zijn, multitasken, landschapsburelen,… Ons werkgeheugen staat meer dan ooit onder druk, met ernstige gevolgen voor onze productiviteit, en gezondheid.

Ook stress en depressieve symptomen zijn gecorreleerd aan een slechter geheugen en tragere verwerking van informatie.

De impact van negatieve gebeurtenissen is eveneens negatief voor ons werkgeheugen. We vergeten dan vlugger, beginnen te piekeren en maken fouten.

Laat ons naar aanleiding van deze discussie eens overlopen wat we kunnen doen om ons brein in goede conditie te houden.

  1. Gebruik uw brein. “Use it or lose it”.

Wanneer je regelmatig je brein op scherp houdt, vergeet je minder snel, maak je minder vergissingen en kun je je beter concentreren.  Dus:

Lees regelmatig een spannend boek of ga naar een lezing. Vooral een boek lezen is belangrijk.

Volg discussies op radio en in de pers

Bezoek eens een museum

Luister naar muziek

Hou je bezig met abstracte vormen van kunst of wiskunde. Ja, wiskunde is kunst.
Doe eens moeilijk. Probeer voeding te herkennen met gesloten ogen bijvoorbeeld.

  1. Let wel op, je kan zomaar niet ineens aan zware sport beginnen, maar wandelen en fietsen in open lucht, dat is goed voor je brein.
  2. Eet gezond. Let op je gewicht want obesitas verhoogt de kans op dementia.
  3. Let op je bloeddruk en cholesterol. Eet zo weinig mogelijk gefrituurd voedsel. Eet olijfolie en geen klieders boter of room, ook al zeggen de Tv koks het zo graag anders. Eet fruit en groenten en veel vis en dan vooral vette vis. Want je hersenen worden gevoed door kleine gespecialiseerde bloedvaten en we kunnen het risico op klontervorming daarin beter beperken. En wat men ook moge beweren, het eten van klieders room is slecht voor deze bloedvaten.
  4. Kijk uit met alcohol en gesuikerde dranken. Dan heeft invloed op het energieniveau van je werkgeheugen.

Alcohol beschadigt je brein en lever, soms voor altijd. Drink dus alcohol voorzichtig en met mate

  1. Zorg voor een aantal goede vrienden. Praten met vrienden maakt je een snelle denker. Bel eens een goede vriend op en bouw aan een goede relatie.
  2. Let op uw stressniveau.

Verzorg daarom uw ademhaling, probeer veel humor in te bouwen in je leven, probeer eens te mediteren…Vooral rustig ademen is belangrijk. Je moet inademen zoals je het parfum van een roos opsnuift en uitademen zoals bij het uitblazen van een kaars. Buikademhaling dus. Wie  2 x daags 10 minuten focust op de ademhaling ervaart meer rust en houdt zijn brein in conditie.

  1. Verzorg ook je slaappatroon.
  2. Train je geheugen. Schrijf veel op. Doe niet aan multitasking.
  3. Probeer namen te onthouden. Spreek mensen aan met hun voornaam aan, dan ben je verplicht een inspanning te doen deze namen te onthouden.
  4. Verzorg je zelfbeeld. Je hoeft heus geen narcist te zijn maar zelfrespect is erg belangrijk. Dan ben je ook meer geneigd je brein te verzorgen. Voel je niet onzeker of minderwaardig en vergelijk je niet met anderen. Haal gewoon het beste uit jezelf.

 

Ik weet het, het lijkt allemaal nogal triviaal maar het werkt echt. En het goede nieuws is dat je met deze eenvoudige hulpmiddelen genoeg hebt. Je moet echt niet investeren in dure games, spelletjes of voedselsupplementen. Aan bovenstaande manier van leven heb je genoeg.

 

Luc Swinnen


Office Stress

september 4, 2008